Is de kans op afvallen groter als een groot deel van de koolhydraten uit de dagelijkse voeding wordt geschrapt?

Voor iemand die wil afvallen maakt het in principe niet uit hoe de koolhydraat/vetverhouding is, als de hoeveelheid calorieën van de voeding maar wordt beperkt. Want een calorie is een calorie als het op energie-inname aankomt (koolhydraten en eiwitten: 4 kcal per gram, vetten: 9 kcal per gram, alcohol: 7 kcal per gram). Maar koolhydraatarme diëten zijn nog steeds populair. Ze leveren veel (verzadigd) vet en eiwit en weinig koolhydraten. Bij de start van een zeerlaagkoolhydraatdieet wordt eerst de voorraad glycogeen uit lever en spieren opgebruikt. Dit duurt ongeveer twee dagen en hierbij verlies je ook water. Na deze twee dagen is er onvoldoende glucose voor beenmerg, hersenen en de rode en witte bloedcellen (deze zijn namelijk aangewezen op glucose). Het lichaam lost dit op door glucose vrij te maken uit aminozuren uit spiereiwitten en glycerol uit vetweefsel. Hierbij komen ketonen en ureum vrij en de uitscheiding hiervan gaat gepaard met vochtverlies, wat het snelle gewichtsverlies bij een dergelijk dieet verklaart. De ketose, de monotonie van het dieet en het verzadigende effect van de relatief hoge eiwitinname leidt tot een verminderde eetlust en gewichtsafname. De mogelijke langetermijneffecten van een dergelijk dieet is niet goed bekend en het blijkt lastig om vol te houden. Daarnaast gaan dergelijke diëten vaak gepaard met een lage inname van voedingsvezels. De basis voor het realiseren van een gezond gewicht is een gezonde, gevarieerde voeding volgens de Richtlijnen goede voeding met voldoende lichaamsbeweging. Daarnaast is het belangrijk dat degene die wil afvallen de leefstijl kan volhouden.  

Afdrukken